In het kort

55 jaar NHG

Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) bestond in 2011 55 jaar. De oprichtingsvergadering was op 29 december 1956 in restaurant Esplanade te Utrecht. In totaal hadden zich in die dagen 500 huisartsen voor het lidmaatschap van het Genootschap opgegeven, ofwel 14 procent van de toenmalige Nederlandse huisartsen. Het volgende jaar verscheen Huisarts en Wetenschap voor het eerst.

Waarom een wetenschappelijke vereniging?

Een belangrijk argument om het NHG als wetenschappelijke vereniging op te richten was dat rond 1950 het beroep van huisarts geen hoge status had. De praktijkvoering liet te wensen over. Een efficiënte praktijkvoering moest de basis zijn voor een verantwoorde werkwijze van de huisarts, met een noodzakelijk wetenschappelijk fundament. In de afgelopen 55 jaar is daar op velerlei wijzen met succes aan gewerkt.

Kernwaarden – Woudschoten

Op 23 en 24 januari 1959 organiseerde het NHG de later befaamd geworden Woudschotenconferentie. De functie van de huisarts werd daar geformuleerd als ‘het aanvaarden der verantwoordelijkheid voor een continue, integrale en  persoonlijke zorg voor de gezondheid van de zich aan hem toevertrouwende individuele mensen en gezinnen’. Deze kernwaarden gelden nog onverkort.

NHG en academie

Vanaf de jaren 60 speelden de in het NHG verenigde huisartsen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van huisartseninstituten op de Nederlandse universiteiten. Door de goede relaties tussen het NHG, de huisartsen in het veld en de academische onderzoekswereld – en de daarmee samenhangende wetenschappelijke ontwikkeling van de huisartsgeneeskunde – is veel gewonnen als het gaat om de opgave die de oprichters van het NHG zich stelden. Het is nu zeer wel duidelijk wat een huisartsengeneeskunst inhoudt, zowel naar uitgebreidheid en begrenzing alsook naar de wijze waarop wetenschappelijke studie zich (steeds verder) zal moeten ontplooien.

Overgangsperiode 1980-1987

De jaren 1980-1987 vormden een overgangsperiode. Het NHG was altijd een liefhebbersorganisatie gebleven, met een verzameling losse werkgroepen en commissies, en regionale NHG-Centra. In 1980 telde het NHG-bureau slechts 6 medewerkers. In 1989 was het NHG in korte tijd uitgegroeid tot een professionele organisatie met 35 medewerkers.

Hoge vlucht kwaliteits- en standaardenbeleid

Wat bracht die kentering teweeg? Vanaf de jaren 80 nam het kwaliteits- en standaardenbeleid een hoge vlucht, met daaraan gekoppeld nascholing, preventie en patiëntenvoorlichting, en ook toetsing. In 1987 werd het kwaliteitsbeleid geformuleerd en begon het NHG met het schrijven van de eerste NHG-Standaard. In 1989 zag die standaard het licht: Diabetes mellitus type II (M01). In de geschiedenis van het Genootschap was dit een van de belangrijkste ontwikkelingen, die verregaande consequenties zou hebben voor zowel het veld als het bureau. De plastic samenvattingskaartjes van de standaarden waren uiterst populair, maar die waren alleen te krijgen via Huisarts en Wetenschap en een abonnement daarop was gekoppeld aan het NHG-lidmaatschap.

Explosieve toename ledental

Het ledenaantal groeide dan ook explosief: van circa 2500 in 1989 toen de eerste standaard verscheen, naar 4000 in 1990; en in het decennium daarna verdubbelde het ledenaantal tot 8000. Het NHG-bureau groeide in die tijd mee naar ruim 100 medewerkers. Nu zijn dat er ruim 130, en het ledenaantal heeft de 11.000 overschreden.